ECLI:NL:RBUTR:2008:BG8353
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering verdeling huwelijksgoederengemeenschap na overlijden zonder erfgenamen
In deze zaak stond de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap tussen partijen centraal. Tijdens de procedure overleed de vrouw, eiseres, zonder dat er bekende erfgenamen waren die haar nalatenschap aanvaardden. Hierdoor ontstond onzekerheid over wie het rechtens te respecteren belang had bij de voortzetting van de vordering.
De rechtbank overwoog dat artikel 3:303 BW Pro vereist dat een partij voldoende belang moet hebben om een rechtsvordering in te stellen. Nu geen erfgenamen bekend waren die dit belang konden overnemen, wees de rechtbank de vordering van eiseres af. Ook werd geen nieuwe deskundige benoemd voor taxatie van de woning.
De woning en de hypothecaire lening werden aan gedaagde toegewezen zonder nadere verrekening. De inboedel werd verdeeld zoals feitelijk bij het uiteengaan van partijen was gebeurd, zonder aanspraak op verrekening. Ten slotte compenseerde de rechtbank de proceskosten, waarbij ieder zijn eigen kosten draagt.
Uitkomst: De vordering tot verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap wordt afgewezen wegens gebrek aan belang na overlijden zonder erfgenamen.