ECLI:NL:RBUTR:2008:BG9230
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening
- M.L. Bressers
- D.A. Verburg
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening bij intrekking en beëindiging bijstandsuitkering wegens niet overleggen stukken
Verzoeker ontving een bijstandsuitkering op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Verweerder heeft de uitkering ingetrokken en beëindigd omdat verzoeker niet binnen de gestelde termijnen de gevraagde stukken over zijn WAO-procedure en bankafschriften heeft ingeleverd. Tevens werd de opschorting mede gebaseerd op een verblijf in het buitenland, maar dit was geen grondslag voor de intrekking en beëindiging.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de termijnen voor het aanleveren van stukken niet redelijk waren en dat de intrekking en beëindiging deels gebaseerd zijn op onjuiste data. Verzoeker is hierdoor in financiële problemen geraakt, mede gezien zijn gezinssituatie met twee schoolgaande kinderen en een baby, waardoor de nood hoog is.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening toe en beveelt verweerder verzoeker te behandelen alsof hij recht heeft op bijstand tot zes weken na de datum van verzending van het besluit op bezwaar. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht van verzoeker.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening wordt toegewezen en verzoeker wordt behandeld alsof hij recht heeft op bijstand tot zes weken na bezwaarbesluit.