ECLI:NL:RBUTR:2008:BH2054
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- P. Bender
- A. Wassing
- W. Foppen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen overtreding Wet toezicht effectenverkeer en kredietwezen
De rechtbank Utrecht heeft op 23 december 2008 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte wegens medeplegen van opzettelijke overtredingen van de Wet toezicht effectenverkeer 1995 en de Wet toezicht kredietwezen 1992. De feiten betreffen het aanbieden van certificaten van aandelen en het aantrekken van gelden buiten een besloten kring in Nederland in de periode 1997-2001.
De verdediging voerde onder meer niet-ontvankelijkheid aan wegens gebrek aan redelijk vermoeden van schuld en stelde dat de dagvaarding te onbepaald was. De rechtbank verwierp deze verweren en oordeelde dat het onderzoek gebaseerd was op een redelijk vermoeden van schuld, onder meer voortkomend uit een brief van de Turkse Centrale Bank en een eerder strafrechtelijk onderzoek. De dagvaarding voldeed aan de eisen en was voldoende duidelijk.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte effecten heeft aangeboden aan andere personen dan de vijf specifiek genoemde en dat hij gelden heeft aangetrokken. Bewijs uit een rechtshulpverzoek aan Duitsland en eerdere opsporingsonderzoeken werd geaccepteerd. Er was sprake van een overschrijding van de redelijke termijn van ruim twee jaar, mede door toedoen van verdachte.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een voorwaardelijke geldboete van €1000 met een proeftijd van twee jaar, waarbij de gevangenisstraf van twee weken die het Openbaar Ministerie had gevorderd werd afgewezen vanwege de lange tijd sinds de feiten. Verdachte werd vrijgesproken voor wat meer of anders was ten laste gelegd.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete van €1000 met een proeftijd van twee jaar.