ECLI:NL:RBUTR:2009:BH2401
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot vaststelling dwangakkoord wegens gebrek aan goede trouw
De verzoeker heeft op 20 juni 2008 een schuldregeling aangeboden waarbij hij gedurende 36 maanden zijn afloscapaciteit reserveert, met een verwachte uitkering van circa 8% aan concurrente en 16% aan preferente schuldeisers. De totale schuldenlast bedraagt ruim €164.000, waarvan de grootste schuld van ongeveer €98.000 is ontstaan door een brand veroorzaakt door onrechtmatig gebruik van elektriciteit voor een wietplantage op een onderverhuurde etage.
Hoewel alle schuldeisers behalve SNS Bank en UWV het akkoord hebben aanvaard, verzoekt de verzoeker de rechtbank SNS en UWV te bevelen in te stemmen met het akkoord. De rechtbank toetst of SNS en UWV redelijkerwijs tot weigering konden komen, waarbij het belang van de schuldeisers en verzoeker wordt afgewogen.
De rechtbank constateert dat het akkoord een lagere uitkering biedt dan volledige voldoening van de vorderingen en dat geen garantie bestaat dat de afgesproken betalingen daadwerkelijk worden nagekomen. Vanwege de onrechtmatige omstandigheden rond de grootste schuld twijfelt de rechtbank aan de goede trouw van de verzoeker, een vereiste voor toepassing van de schuldsaneringsregeling.
Gezien het relatief hoge inkomen van verzoeker verwacht de rechtbank dat SNS en UWV door gebruik van wettelijke incassomiddelen een hogere uitkering kunnen verkrijgen dan via het akkoord. Daarom acht de rechtbank de weigering van SNS en UWV tot instemming met het akkoord redelijk en wijst het verzoek af. Verzoeker behoudt de mogelijkheid zijn verzoek tot toelating tot de schuldsanering te handhaven.
Uitkomst: Het verzoek tot vaststelling van het dwangakkoord wordt afgewezen wegens gebrek aan goede trouw en redelijke weigering door schuldeisers.