ECLI:NL:RBUTR:2009:BH6672
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering vakbonden inzake uitleg reisurenvergoeding cao dakbedekkingsbedrijven
De vakbonden, partijen bij de cao voor de bituminieuze en kunststof dakbedekkingsbedrijven, vorderden dat de werkgeversorganisatie Vebidak de cao strikt naleeft, met name dat reistijd van werknemers die via het bedrijfsterrein van de werkgever naar de werkplek reizen als werktijd wordt aangemerkt en vergoed. De cao kent een regeling voor reisurenvergoeding en vervoermiddelenvergoeding in artikelen 17 en 18.
De rechtbank oordeelt dat de vordering niet ontvankelijk is als verkapt hoger beroep op een onherroepelijk vonnis uit 1995, maar gaat toch inhoudelijk in op de uitleg van de cao. De kernvraag is of de reistijd vanaf het bedrijfsterrein van de werkgever naar de werkplek als reistijd moet worden vergoed en of de reistijd van woonplaats naar bedrijfsterrein ook onder de cao valt.
De kantonrechter stelt dat de begrippen '(werk)object' en 'het werk' in de cao in samenhang moeten worden uitgelegd en dat het begrip '(werk)object' ziet op de wisselende locaties waar het dakdekkerwerk wordt verricht, niet op het bedrijfsterrein van de werkgever. De reisurenvergoeding geldt dus alleen voor de directe reis van woonplaats naar werkobject en vice versa. De vordering wordt afgewezen omdat de cao geen vergoeding toekent voor reistijd tussen woonplaats en bedrijfsterrein en omdat het afhangt van de omstandigheden of er op het bedrijfsterrein al arbeid wordt verricht. De vakbonden worden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van de vakbonden tot naleving van de reisurenvergoeding en vervoermiddelenvergoeding in de cao wordt afgewezen.