ECLI:NL:RBUTR:2009:BH7902
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor meervoudige mishandeling van echtgenote met deels voorwaardelijke gevangenisstraf
De rechtbank Utrecht heeft op 9 februari 2009 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte wegens mishandeling van zijn echtgenote. Verdachte werd beschuldigd van meervoudige mishandeling en verkrachting in de periode van 1 januari 2007 tot en met 25 augustus 2008.
De rechtbank sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde feit van verkrachting, omdat de aangifte van de echtgenote onvoldoende concreet was en zij bij nader verhoor met behulp van een tolk had verklaard niet te weten wat verkrachting betekende. Wel achtte de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zijn echtgenote herhaaldelijk mishandelde, onder meer door haar te slaan, te trekken aan haar haren en haar met een zak kattenbakgrit te slaan, wat leidde tot letsel en pijn.
De mishandelingen werden ondersteund door medische rapporten en verklaringen van een buurvrouw die getuige was van meerdere geweldsincidenten. Verdachte ontkende de mishandelingen, maar zijn verklaring werd door de rechtbank als ongeloofwaardig beoordeeld. De rechtbank legde een gevangenisstraf op van 10 maanden, waarvan 5 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en stelde als bijzondere voorwaarde dat verdachte contact moet onderhouden met de reclassering en zich moet laten behandelen.
De rechtbank motiveerde de straf door de ernst van de feiten, de langdurige en ernstige aantasting van de lichamelijke integriteit van het slachtoffer en de onveilige thuissituatie. Verdachte nam geen verantwoordelijkheid, waardoor de kans op herhaling aanwezig werd geacht. Het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven en de tijd in voorarrest werd in mindering gebracht op de straf.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 10 maanden gevangenisstraf, waarvan 5 maanden voorwaardelijk, voor meervoudige mishandeling van zijn echtgenote.