ECLI:NL:RBUTR:2009:BH9058
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.J. van Binsbergen
- J.K. van de Poel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van de re-integratievisie als besluit in het bestuursrecht
In deze zaak heeft eiseres beroep ingesteld tegen een besluit van de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) van 25 april 2008, waarbij haar bezwaar tegen de re-integratievisie van 8 oktober 2007 ongegrond werd verklaard. De rechtbank Utrecht heeft op 24 maart 2009 geoordeeld dat de re-integratievisie moet worden aangemerkt als een besluit in de zin van artikel 1:3 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De rechtbank heeft vastgesteld dat de re-integratievisie niet in stand kan blijven, omdat eiseres op de datum van vaststelling, 8 oktober 2007, 80 tot 100% arbeidsongeschikt was. Dit betekent dat de re-integratievisie niet kan worden gehandhaafd, aangezien deze gebaseerd was op een onjuiste veronderstelling over de arbeidsongeschiktheid van eiseres.
De rechtbank heeft de re-integratievisie beoordeeld aan de hand van de Functionele Mogelijkheden Lijst (FML) van 30 maart 2007, maar heeft geconcludeerd dat de gewijzigde FML van 14 november 2007 niet in acht is genomen. De rechtbank heeft het bestreden besluit vernietigd wegens strijd met artikel 7:12, eerste lid, van de Awb, en verweerder opgedragen om binnen zes weken een nieuw besluit te nemen op het bezwaarschrift van eiseres. Tevens is het Uwv veroordeeld in de proceskosten van eiseres, vastgesteld op € 483,-.
De uitspraak is bindend en belanghebbenden hebben de mogelijkheid om binnen zes weken hoger beroep aan te tekenen bij de Centrale Raad van Beroep. De rechtbank heeft benadrukt dat de binding van de uitspraak ook geldt voor eventuele vervolgprocedures, waarbij eerdere standpunten niet opnieuw kunnen worden ingenomen als deze door de rechtbank zijn verworpen.