ECLI:NL:RBUTR:2009:BI5043
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek voorlopig getuigenverhoor in arbeidsrechtelijke geschil over beëindiging arbeidsovereenkomst
Verzoeker, voormalig bestuurder bij ASMI, verzoekt de rechtbank om een voorlopig getuigenverhoor te gelasten om bewijs te verzamelen voor een voorgenomen procedure over onregelmatige opzegging en kennelijk onredelijk ontslag. ASMI verzet zich tegen het verzoek en stelt dat er sprake was van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd die rechtsgeldig is geëindigd, en dat het verzoek misbruik van bevoegdheid is.
De rechtbank overweegt dat het geschil over de aard van de arbeidsovereenkomst en de beëindiging daarvan niet vooraf kan worden beslist en dat het verzoek niet in strijd is met de goede procesorde. Ook wordt geoordeeld dat er geen sprake is van misbruik van bevoegdheid door verzoeker. De belangen van Fursa, aandeelhouder van ASMI die zich als belanghebbende voegt, worden niet erkend voor deze procedure.
De rechtbank beperkt het aantal te horen getuigen voorlopig tot vijf en wijst op het belang van schriftelijke verklaringen vooraf. De rechter-commissaris wordt benoemd om het verhoor te leiden op een nader te bepalen datum. Het verzoek wordt daarmee toegewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopig getuigenverhoor wordt toegewezen met benoeming van een rechter-commissaris voor het verhoor van getuigen.