ECLI:NL:RBUTR:2009:BI7284
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Verlenging ondertoezichtstelling minderjarige en afwijzing ontzetting tijdelijke voogdij pleegmoeder
De rechtbank Utrecht heeft op 10 juni 2009 uitspraak gedaan over de verlenging van de ondertoezichtstelling van de minderjarige [D] en een verzoek tot ontzetting van de pleegmoeder uit de tijdelijke voogdij. Bureau Jeugdzorg had verzocht de ondertoezichtstelling te verlengen vanwege de voortdurende strijd tussen de pleegouders en de wensouders, die de ontwikkeling van [D] bedreigt. Tevens was er een verzoek van de biologische vader om de pleegmoeder te ontzetten en zelf tot voogd te worden benoemd.
De rechtbank overwoog dat de pleegmoeder haar voogdijbevoegdheden niet misbruikt of verwaarloost en dat [D] opgroeit in een liefdevolle omgeving met een veilige hechtingsrelatie. De strijd tussen de wensouders en pleegouders, mede gevoed door media-aandacht en mogelijke strafrechtelijke vervolging in België, blijft echter voortduren. De rechtbank achtte het belang van [D] voorop en concludeerde dat ontzetting niet noodzakelijk is en zelfs schadelijk zou zijn.
Verder werd het verzoek tot ontzetting afgewezen en de ondertoezichtstelling verlengd tot 6 mei 2010. De rechtbank verklaarde de aanwijzing van Bureau Jeugdzorg gedeeltelijk vervallen, met name de termijn en aanwezigheid van De Rading bij de voorlichting aan [D] over haar biologische vader. De rechtbank stelde dat [D] voor het nieuwe schooljaar bondig en op korte wijze over haar ontstaansgeschiedenis moet worden geïnformeerd, zonder aanwezigheid van De Rading. Mediation tussen pleegouders en wensouders werd voorlopig uitgesloten vanwege het ontbreken van vertrouwen.
De uitspraak benadrukt het belang van continuïteit en stabiliteit in de opvoedingssituatie van [D], waarbij de belangen van de minderjarige prevaleren boven de conflicten tussen betrokken volwassenen.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de ondertoezichtstelling en wijst het verzoek tot ontzetting van de pleegmoeder af.