ECLI:NL:RBUTR:2009:BJ1681
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot nakoming vaststellingsovereenkomst na echtscheiding zonder dwaling of onvoorziene omstandigheden
Partijen waren gehuwd in gemeenschap van goederen en zijn in 2005 gescheiden. Omdat zij niet tot verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap konden komen, vorderde de vrouw nakoming van een vaststellingsovereenkomst die partijen op 31 maart 2008 sloten, waarin afspraken over de verdeling en partneralimentatie waren vastgelegd.
De man voerde verweer en stelde onder meer dat de overeenkomst vernietigbaar was wegens dwaling en onvoorziene omstandigheden, met name vanwege een lagere opbrengst van de woning door de kredietcrisis en een daling van zijn inkomen. De rechtbank oordeelde dat deze omstandigheden voor rekening van de man komen en dat de vaststellingsovereenkomst niet onaanvaardbaar is volgens redelijkheid en billijkheid.
De rechtbank wees de vordering tot vernietiging af en veroordeelde de man binnen een week de vaststellingsovereenkomst na te komen. De vordering tot oplegging van een dwangsom en het verlenen van machtiging aan de vrouw om namens de man te handelen werden afgewezen. De proceskosten werden gecompenseerd, zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De man wordt veroordeeld tot nakoming van de vaststellingsovereenkomst binnen één week.