ECLI:NL:RBUTR:2009:BJ5965
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen verplichting wervingsbureau tot verstrekken inhoud referentiecontrole na inleenovereenkomst
De zaak betreft een geschil tussen een opdrachtnemer en twee wervingsbureaus over de verstrekking van informatie na het afzien van de inzet van de opdrachtnemer bij een opdrachtgever. De opdrachtnemer had via een inleenovereenkomst met een wervingsbureau een functie bij ING aangenomen, maar na een pre-employment screening besloot de opdrachtgever af te zien van diens inzet. De opdrachtnemer vorderde inzage in de informatie die tot deze beslissing had geleid.
De rechtbank oordeelde dat er geen contractuele verplichting bestond voor het wervingsbureau om de inhoud van de screening of referentiecontrole te verstrekken. Ook was er geen bijzondere omstandigheid die een dergelijke verplichting zou rechtvaardigen. De screening en het inwinnen van informatie vielen onder de verantwoordelijkheid van de opdrachtgever, niet van het wervingsbureau.
Ten aanzien van de andere partij, Accenture, werd geoordeeld dat ook zij niet gehouden was tot het verstrekken van de gevraagde informatie. De rechtbank verwierp het beroep op een afgeleide overeenkomst en onrechtmatige daad. De opdrachtnemer had bovendien het risico aanvaard dat de screening negatieve consequenties kon hebben. De vorderingen werden afgewezen en de opdrachtnemer werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot verstrekking van informatie wordt afgewezen en de eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten.