ECLI:NL:RBUTR:2009:BK3120
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzetheling met werkstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf
De rechtbank Utrecht heeft op 30 oktober 2009 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte, die werd verdacht van verduistering en opzetheling van geldbedragen afkomstig van misdrijf in de periode van november 2003 tot april 2004.
De rechtbank sprak verdachte vrij van verduistering wegens gebrek aan bewijs van opzet, maar achtte bewezen dat verdachte zich schuldig had gemaakt aan meervoudige opzetheling. Verdachte wist dat de geldbedragen afkomstig waren van misdrijf en heeft deze bewust in bezit gehad en overgedragen.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van 3 maanden op, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van 1 jaar, en een werkstraf van 140 uur. De werkstraf kan worden vervangen door 70 dagen hechtenis indien niet naar behoren uitgevoerd. De straf is lager dan geëist vanwege vrijspraak van verduistering, het ontbreken van eerdere veroordelingen en het lange tijdsverloop in de procedure.
De zaak werd behandeld tijdens zittingen in juli 2008 en oktober 2009. Verdachte was niet aanwezig maar werd vertegenwoordigd door een advocaat. De rechtbank concludeerde dat verdachte onvoldoende bewijs leverde voor medeplegen en sprak haar daarvan vrij.
De beslissing is gebaseerd op artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 57 en 416 van het Wetboek van Strafrecht zoals die ten tijde van de feiten golden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden en een werkstraf van 140 uur voor meervoudige opzetheling.