ECLI:NL:RBUTR:2009:BK3884
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijk voordeel trekken uit door uitkeringsfraude verkregen middelen
De rechtbank Utrecht heeft verdachte veroordeeld voor het opzettelijk voordeel trekken uit de opbrengst van een door misdrijf verkregen goed, namelijk een uitkering die zijn partner verkreeg door valsheid in geschrift en het niet melden van wijzigingen in haar persoonlijke omstandigheden.
De feiten betroffen een periode van oktober 2002 tot mei 2007 waarin verdachte samenwoonde met medeverdachte, die een uitkering ontving als alleenstaande ouder. De rechtbank stelde vast dat verdachte en medeverdachte een duurzame gezamenlijke huishouding voerden, ondanks het verweer van de verdediging dat sprake was van afzonderlijke huishoudens.
De rechtbank oordeelde dat verdachte op de hoogte was van de valsheid in geschrift en dat hij financieel profiteerde van de uitkering zonder zelf bij te dragen aan de huishoudkosten, behalve een eenmalige bijdrage aan elektriciteitskosten.
De strafmaat bestond uit een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden met een proeftijd van 2 jaar en een werkstraf van 150 uur, waarbij vervangende hechtenis van 75 dagen wordt opgelegd indien de werkstraf niet wordt uitgevoerd. De rechtbank benadrukte het belang van het sociale stelsel en veroordeelde het misbruik daarvan.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden en een werkstraf van 150 uur wegens opzettelijk voordeel trekken uit door uitkeringsfraude verkregen middelen.