ECLI:NL:RBUTR:2009:BK4279
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J. Grapperhaus
- J.R. Krol
- J. Schukking
- Rechtspraak.nl
Vaststelling wederrechtelijk verkregen voordeel uit hennepplantages en witwassen
Verdachte is door het gerechtshof veroordeeld voor het aanwezig hebben van hennepplantages en witwassen. De officier van justitie vorderde ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel, aanvankelijk €1.214.538, na vermindering €1.110.735. De rechtbank toetste de bewijsstukken, waaronder processen-verbaal en getuigenverklaringen, en beoordeelde de berekeningen van opbrengsten en kosten van de hennepteelt.
De rechtbank nam aan dat verdachte meerdere oogsten had gerealiseerd in panden te Apeldoorn en Soesterberg, waarbij de opbrengst per plant werd vastgesteld op 28,2 gram en de verkoopprijs op €2,37 per gram. Kosten werden in mindering gebracht, waaronder materiaalkosten, stekkosten, knip- en droogkosten en energiekosten. Ook werd het voordeel uit witwassen via de aankoop en verkoop van een woonark meegenomen.
De verdediging voerde verweren aan tegen het aantal oogsten, de opbrengst per plant en de betrouwbaarheid van facturen, maar de rechtbank verwierp deze verweren wegens onvoldoende concrete onderbouwing. De rechtbank stelde het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €980.831,21 en legde verdachte de verplichting op dit bedrag aan de staat te betalen, wijzend de vordering voor het overige af.
Uitkomst: De rechtbank stelt het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €980.831,21 en legt verdachte de verplichting op dit bedrag aan de staat te betalen.