ECLI:NL:RBUTR:2009:BK8025
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- E.C.J. Mulder
- J.R. van Es-de Vries
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen last onder dwangsom wegens illegaal gebruik bedrijfspand voor bewoning
Eisers, gezamenlijk eigenaar van een bedrijfsgebouw, maakten bezwaar tegen een last onder dwangsom die hen werd opgelegd om het gebruik van het pand voor bewoning te staken. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Veenendaal had vastgesteld dat het pand in strijd met het bestemmingsplan werd gebruikt voor bewoning en had een dwangsom opgelegd om dit te beëindigen.
De voorzieningenrechter stelde vast dat eisers als belanghebbenden konden worden aangemerkt en dat het college bevoegd was tot handhaving. Er was geen concreet zicht op legalisatie van het strijdige gebruik, aangezien eisers geen bouwvergunning hadden aangevraagd voor het gewenste gebruik als kantoorunits of archiefruimte. De rechtbank overwoog dat handhavend optreden in beginsel noodzakelijk is bij overtreding van het bestemmingsplan, tenzij bijzondere omstandigheden dit verhinderen.
Eisers hadden aangevoerd dat het pand inmiddels onbewoond was en dat zij het pand wilden verhuren als kantoorruimte zonder het volledig in oorspronkelijke staat terug te brengen. Verweerder nam dit voor kennisgeving aan, maar stelde dat zolang de voorzieningen geschikt bleven voor bewoning, het risico op herhaling bestond. De rechtbank vond geen reden om het besluit te vernietigen of de dwangsom kwijt te schelden en wees zowel het beroep als het verzoek om voorlopige voorziening af.
Uitkomst: Het beroep tegen de last onder dwangsom wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.