ECLI:NL:RBUTR:2009:BM5062
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.M.E. Bernini
- E.F. Bueno
- D.A.C. Koster
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor ontuchtige handelingen met minderjarige
De rechtbank Utrecht heeft verdachte veroordeeld voor het plegen van ontuchtige handelingen met een meisje dat nog geen zestien jaar oud was. Het primair tenlastegelegde feit werd vrijgesproken vanwege een onvolledige omschrijving in de tenlastelegging, maar het subsidiair tenlastegelegde feit werd wettig en overtuigend bewezen verklaard. Dit betrof onder meer het kussen, betasten en aanraken van de billen en schaamstreek van het slachtoffer, alsmede het brengen van haar hand richting de penis van verdachte.
De rechtbank achtte verdachte volledig toerekeningsvatbaar, ondanks een psychologisch rapport dat wees op een gebrekkige emotionele ontwikkeling en een kinderlijk niveau van functioneren. De psychische problematiek was volgens de deskundige niet van dien aard dat verdachte in zijn keuzevrijheid werd belemmerd. Verdachte werd veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van één jaar met een proeftijd van drie jaar, waarbij een bijzondere voorwaarde werd gesteld tot verplicht reclasseringscontact en mogelijke ambulante behandeling.
Daarnaast werd een werkstraf van 240 uren opgelegd, met de bepaling dat bij niet-nakoming vervangende hechtenis van 120 dagen volgt. De rechtbank hield rekening met de ernst van het feit, de impact op het slachtoffer en de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder het ontbreken van eerdere veroordelingen. De straf is mede bedoeld om herhaling te voorkomen en gedragsbeïnvloeding te bewerkstelligen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van één jaar en een werkstraf van 240 uren voor ontuchtige handelingen met een minderjarige.