ECLI:NL:RBUTR:2009:BN6317
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Sap
- G.A.M.E. van der Burg-van Geest
- P. Dondorp
- Rechtspraak.nl
Toewijzing wrakingsverzoek wegens schijn van partijdigheid rechter in ontbindingsprocedure arbeidsovereenkomst
Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. [X], kantonrechter, naar aanleiding van een zitting op 13 januari 2009 in een ontbindingsprocedure van haar arbeidsovereenkomst met de Hogeschool Utrecht. Zij stelde dat mr. [X] haar meermalen 'een gelukzoeker' had genoemd en onvoldoende gelegenheid had gegeven haar standpunt toe te lichten. Ook zou de rechter de schijn van partijdigheid hebben gewekt door te zeggen dat zij hetzelfde zou doen als de Hogeschool bij het indienen van een tegenverzoek.
De rechtbank overwoog dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er zwaarwegende aanwijzingen zijn voor vooringenomenheid of een objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor bestaat. Uit het proces-verbaal bleek dat verzoekster ruimschoots gelegenheid had gehad haar standpunt uiteen te zetten. Wel werd vastgesteld dat de term 'gelukzoeker' een negatieve connotatie heeft en dat het gebruik ervan in een vroeg stadium van de zitting zonder mogelijkheid tot verweer de schijn van partijdigheid wekt.
Daarnaast leidde de opmerking van de rechter dat zij hetzelfde zou doen als de Hogeschool bij het indienen van een tegenverzoek tot de indruk dat zij zich al een oordeel had gevormd en 'meeprocedeerde'. Gezien deze omstandigheden concludeerde de rechtbank dat de objectieve schijn van partijdigheid was gewekt en wees het wrakingsverzoek toe.
De beslissing werd genomen door een meervoudige kamer van de rechtbank Utrecht en op 9 februari 2009 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen mr. [X] wordt toegewezen wegens het wekken van de schijn van partijdigheid.