ECLI:NL:RBUTR:2010:BL1918
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geldleningsovereenkomst tussen overledene en zijn zuster bevestigd, ex-echtgenote deels aansprakelijk
De rechtbank Utrecht heeft op 3 februari 2010 geoordeeld dat tussen de overledene en zijn zuster een overeenkomst van geldlening tot stand is gekomen waarbij in totaal €54.112,78 is geleend. Dit bedrag omvat onder meer kosten voor levensonderhoud, studiekosten, renovatie, keuken en inboedel. Diverse getuigenverklaringen en betalingsbewijzen ondersteunden het bestaan van deze lening, ondanks het ontbreken van schriftelijke afspraken.
De ex-echtgenote van de overledene werd hoofdelijk aansprakelijk gehouden voor een deel van de schuld (€12.293,00), omdat deze leningen voor de ontbinding van het huwelijk zijn aangegaan. De rechtbank oordeelde dat de wettelijke regeling van gemeenschap van goederen van toepassing is en dat het feit dat de leningen zonder haar medeweten zijn afgesloten, onvoldoende is om aansprakelijkheid te ontkennen.
De rechtbank veroordeelde de erfgename tot betaling van het resterende bedrag van €41.819,78, onder de voorwaarde dat zij de nalatenschap zuiver heeft aanvaard. De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Rechtbank bevestigt geldleningsovereenkomst en veroordeelt ex-echtgenote tot gedeeltelijke betaling van €12.293,00.