ECLI:NL:RBUTR:2010:BL3426
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwikkeling huwelijksvoorwaarden en verdeling gemeenschappelijke woning na echtscheiding
De rechtbank Utrecht heeft op 20 januari 2010 uitspraak gedaan over de afwikkeling van de huwelijksvoorwaarden en de verdeling van gemeenschappelijke goederen na echtscheiding. De huwelijksvoorwaarden sloten gemeenschap van goederen uit, maar partijen waren samen eigenaar van de woning en hypotheek. De woning moest worden verkocht en de opbrengst verdeeld, waarbij de man vergoedingsvorderingen wilde verrekenen.
De rechtbank onderscheidde investeringen in de woning die als kosten van de huishouding gelden en investeringen die leiden tot waardevermeerdering. De man kon geen vergoeding krijgen voor investeringen die als natuurlijke verbintenis werden beschouwd, zoals verbouwingen en hypotheekaflossingen, mede door de traditionele rolverdeling binnen het huwelijk. De premies voor de ziektekostenverzekering vielen onder de kosten van de huishouding en kwamen voor rekening van de man.
De inboedel werd als gemeenschappelijk beschouwd en zal bij verkoop van de woning worden verdeeld. Verzoeken van de vrouw tot verrekening van spaargeld werden afgewezen omdat de huwelijksvoorwaarden geen verrekenbeding bevatten en strikte naleving niet onaanvaardbaar was. Ook werd een mondelinge afspraak over pensioenverevening niet erkend, omdat de wet een schriftelijke overeenkomst vereist.
De rechtbank bepaalde dat partijen elk recht hebben op de helft van de verkoopopbrengst van de woning na aftrek van hypotheek en verkoopkosten, en dat zij de inboedel gelijk verdelen. Elk draagt de eigen proceskosten.
Uitkomst: Partijen krijgen elk de helft van de verkoopopbrengst van de woning, de inboedel wordt verdeeld, en verzoeken tot verrekening spaargeld en pensioenverevening worden afgewezen.