ECLI:NL:RBUTR:2010:BL4967

Rechtbank Utrecht

Datum uitspraak
20 januari 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
597761 UC EXPL 08-14984
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 15 overeenkomstArt. 24 lid 2 sub a ColportagewetArt. 25 lid 5 Colportagewet
Verwijzingen
4 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toepassing reflexwerking Colportagewet ten behoeve van kleine ondernemer bij ontbinding overeenkomst automatiseringsproducten

De kantonrechter te Utrecht behandelde een geschil tussen een kleine ondernemer en leverancier Proximedia over de ontbinding van een overeenkomst voor automatiseringsproducten. De ondernemer had de overeenkomst kort na ondertekening willen beëindigen vanwege onvoorziene kosten, maar Proximedia weigerde dit en verwees naar een contractuele betalingsverplichting van 60% van resterende termijnen.

De kantonrechter stelde vast dat de ondernemer materieel niet van een consument te onderscheiden was en dat de beschermende bepalingen van de Colportagewet via reflexwerking op hem van toepassing waren. Dit gaf hem het recht de overeenkomst buitengerechtelijk te ontbinden met terugwerkende kracht, ondanks dat de mogelijkheid tot ontbinding niet in de overeenkomst was vermeld.

De vordering van de ondernemer tot terugbetaling van €5.000 werd toegewezen met wettelijke rente, terwijl de vorderingen van Proximedia tot betaling van achterstallige termijnen en kosten werden afgewezen. De proceskosten werden deels toegewezen aan de ondernemer, met compensatie in reconventie. Het vonnis werd uitgesproken door kantonrechter L.C. Heuveling van Beek op 20 januari 2010.

Uitkomst: De overeenkomst werd buitengerechtelijk ontbonden met terugwerkende kracht en Proximedia werd veroordeeld tot terugbetaling van €5.000 aan de ondernemer.

Uitspraak

RECHTBANK UTRECHT
Sector kanton
Locatie Utrecht
zaaknummer: 597761 UC EXPL 08-14984 AW
vonnis d.d. 20 januari 2010
inzake
[eiser], h.o.d.n. [X],
wonende te [woonplaats], gemeente [gemeente],
verder ook te noemen [eiser],
eisende partij in conventie,
verwerende partij in reconventie,
gemachtigde: mr. B.J. van de Wijnckel,
tegen:
de besloten vennootschap
Proximedia Nederland B.V.,
gevestigd te De Meern,
verder ook te noemen Proximedia,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,
gemachtigde: mr. L.B. Melcherts.
Verloop van de procedure
De kantonrechter verwijst naar het tussenvonnis van 22 juli 2009.
Ingevolge dat vonnis heeft Proximedia een akte met producties genomen waarop [eiser] schriftelijk heeft gereageerd.
Hierna is uitspraak bepaald.
Het geschil en de verdere beoordeling daarvan
In conventie en in reconventie
2.1 De kantonrechter verwijst naar en blijft bij hetgeen is overwogen in het tussenvonnis van 22 juli 2009.
Proximedia is in de gelegenheid gesteld de door haar genoemde protocollen en scripts in het geding te brengen. Van die gelegenheid is gebruik gemaakt. [eiser] heeft vervolgens bij antwoordakte op die stukken gereageerd en hij heeft zijn bewijsaanbod geconcretiseerd.
Colportagewet
2.2 [eiser] heeft aan zijn vordering primair ten grondslag gelegd dat de beschermende bepalingen van de Colportagewet via reflexwerking van toepassing zijn. Hij meent dat de overeenkomst nietig is nu niet aan de vereisten van artikel 24 lid 2 sub a van Pro de Colportagewet is voldaan dan wel dat hij deze buitengerechtelijk heeft ontbonden op grond van artikel 25 van Pro de Colportagewet. Proximedia betwist dat de Colportagewet via reflexwerking van toepassing is. De kantonrechter overweegt daarover als volgt.
2.3 De Colportagewet beoogt de consument te beschermen die door een verkoper, doorgaans aan huis, wordt overvallen met een aanbod, door de verkoper wordt bewogen dit aanbod te aanvaarden en zich kort daarna realiseert dat hij die aanvaarding onvoldoende heeft overwogen en dat hij daarvan spijt heeft. Op grond van de Colportagewet heeft de consument in dat geval het recht binnen een termijn van 8 dagen (na dagtekening van de betreffende akte bij de Kamer van Koophandel) de overeenkomst te ontbinden, welke ontbinding terugwerkende kracht heeft. Zoals in het tussenvonnis van 22 juli 2009 reeds is overwogen komt onder omstandigheden aan de beschermende bepalingen van de Colportagewet reflexwerking toe ten behoeve van de kleine ondernemer, die materieel niet van een consument is te onderscheiden. Die reflexwerking brengt in de omstandigheden van dit geval met zich mee dat de kleine ondernemer een beroep kan doen op de ontbinding van de overeenkomst kort na het sluiten daarvan (artikel 25 Colportagewet Pro), maar strekt niet zover dat de overeenkomst reeds nietig is op grond van het feit dat de mogelijkheid tot ontbinding niet in de overeenkomst is vermeld (artikel 24 lid 2 sub a Colportagewet Pro).
2.4 Vast staat dat [eiser] Proximedia kort na ondertekening van de overeenkomst, nog voordat Proximedia de computerapparatuur bij hem had geïnstalleerd, heeft laten weten dat hij de overeenkomst wilde beëindigen omdat hij zich had vergist in de kosten: een bedrag van € 153,51 per maand kon hij niet opbrengen. Proximedia heeft met die beëindiging niet ingestemd en heeft hem gewezen op artikel 15 van Pro de overeenkomst waarin is bepaald dat hij bij tussentijdse beëindiging gehouden is tot betaling aan Proximedia van 60% van de resterende maandtermijnen gedurende de looptijd van het contract. Die looptijd is ten minste 48 maanden.
[eiser] is voornoemd standpunt ook blijven innemen zoals blijkt uit de (onweersproken) omstandigheid dat hij in eerste instantie de installateur van Proximedia heeft weggestuurd (punt 7 conclusie van antwoord in reconventie / punt 17 conclusie van repliek in conventie). Dit volgt verder ook uit zijn brief, die is weergegeven onder punt 1.9 in het tussenvonnis van 22 juli 2009. Dat [eiser] het noodzakelijk heeft geacht er “het beste van te maken” geeft nu juist precies aan dat hij in die situatie is geraakt waartegen de Colportagewet (eventueel door middel van reflexwerking) bescherming beoogd te bieden.
Eind 2005 is [eiser] in betalingsproblemen geraakt en heeft hij met Proximedia een betalingsregeling gesloten van € 20,-- per maand.
2.5 Voorts is voldoende komen vast te staan dat [eiser] op het moment dat de overeenkomst werd gesloten een kleine zelfstandige was, die woonde en werkte op hetzelfde adres. Proximedia richt zich met haar diensten ook specifiek op de kleine ondernemer. Het initiatief voor het verkoopgesprek is uitgegaan van Proximedia en de aangeboden informaticadiensten hangen niet onmiddellijk samen met de door [eiser] bedrijfsmatig ondernomen activiteiten en liggen buiten het gebied van zijn eigenlijke professionele activiteit, te weten textieldrukkerij.
Gelet op het vorenstaande is [eiser] naar het oordeel van de kantonrechter in dit geval materieel niet of nauwelijks van een consument te onderscheiden en komt hem via reflexwerking de bescherming toe van de Colportagewet. Dit betekent dat de overeenkomst door [eiser] buitengerechtelijk is ontbonden (in elk geval) bij brief van 17 februari 2003. Proximedia heeft de ontvangst van die brief bevestigd. Deze ontbinding heeft terugwerkende kracht (artikel 25 lid 5 Colportagewet Pro).
2.6 De vordering van [eiser] in conventie strekkende tot terugbetaling van hetgeen hij onverschuldigd aan Proximedia heeft betaald - hij beperkt zijn vordering tot
€ 5.000,-- - dient op grond van het hiervoor overwogene te worden toegewezen, met de wettelijke rente over dit bedrag als gevorderd.
De primaire en subsidiaire vordering van Proximedia in reconventie strekkende tot betaling door [eiser] van de achterstallige en/of de toekomstige termijnen, buitengerechtelijke incassokosten en rente moet op grond van het vorenstaande worden afgewezen.
Hetgeen [eiser] overigens aan zijn vordering ten grondslag heeft gelegd behoeft geen bespreking meer.
2.7 Proximedia wordt als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten in conventie. Gelet op de nauwe samenhang tussen de vorderingen in conventie en in reconventie worden de proceskosten in reconventie gecompenseerd.
Beslissing
De kantonrechter:
In conventie
veroordeelt Proximedia om aan [eiser] tegen bewijs van kwijting te betalen € 5.000,-- met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 7 oktober 2008 tot de voldoening;
veroordeelt Proximedia tot betaling van de proceskosten aan de zijde van [eiser], tot de uitspraak van dit vonnis begroot op
€ 872,80, waarin begrepen € 600,-- aan salaris gemachtigde;
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
wijst af het meer of anders gevorderde;
In reconventie
wijst de vordering af;
compenseert de proceskosten in die zin, dat iedere partij de eigen kosten draagt.
Dit vonnis is gewezen door mr. L.C. Heuveling van Beek, kantonrechter, en is in aanwezigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 20 januari 2010.