ECLI:NL:RBUTR:2010:BL6597
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- P. Bender
- N.E.M. Kranenbroek
- R.P. den Otter
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bezit beschermde vogels met vervalste pootringen en verboden wapen
Op 10 december 2007 werden bij een doorzoeking in de woning van verdachte in Utrecht meerdere beschermde vogels aangetroffen, waaronder putters en edelzangers, voorzien van vervalste pootringen. Tevens werd een ploertendoder, een verboden wapen, in beslag genomen. Verdachte werd beschuldigd van het opzettelijk in bezit hebben van deze vogels en vervalste geschriften (pootringen), alsmede het bezit van het wapen.
De verdediging stelde dat er sprake was van onherstelbare vormverzuimen in het voorbereidend onderzoek, waardoor het OM niet ontvankelijk zou moeten worden verklaard. De rechtbank oordeelde echter dat geen sprake was van doelbewuste of grove schendingen van de procesorde en dat de vormverzuimen niet ernstig genoeg waren om het bewijs buiten beschouwing te laten.
De rechtbank achtte bewezen dat verdachte de beschermde vogels met vervalste pootringen in bezit had en dat hij opzettelijk de vervalsingen aanbracht of daartoe opdracht gaf. Ook het bezit van het verboden wapen werd bewezen verklaard. Verdachte werd vrijgesproken van het bezit van acht kruisingen van putters en een mutant putter, omdat deze vogels als gefokt werden aangemerkt en daardoor niet strafbaar waren.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een werkstraf van 120 uur, waarvan 40 uur voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en een geldboete van €1.500,-, met de mogelijkheid tot betaling in termijnen. Tevens werden de in beslag genomen voorwerpen onttrokken aan het verkeer en verbeurd verklaard.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 120 uur werkstraf (waarvan 40 uur voorwaardelijk) en een geldboete van €1.500,- voor het bezit van beschermde vogels met vervalste pootringen en een verboden wapen.