ECLI:NL:RBUTR:2010:BN0293
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verdeling gemeenschappelijke eigendom tussen broers met toebedeling aan woonachtige broer
Eiser sub 1 en gedaagde zijn broers en mede-eigenaar van een registergoed, waarop eiser sub 1 met hun ouders woont. De ouders zijn eigenaar van aangrenzend grasland en werden niet ontvankelijk verklaard in hun vordering tot verdeling. De rechtbank beoogt de eigendom toe te wijzen aan eiser sub 1, mede vanwege het feit dat de ouders er wonen en het registergoed is gekocht om hen van hun oude dag te laten genieten.
De rechtbank passeert de stelling dat vergoeding alleen naar inbreng bij aankoop moet plaatsvinden en bepaalt dat gedaagde gehouden is de helft van het verschil in inbreng te vergoeden. Vorderingen tot gebruiksvergoeding voor de eigendom, tractor en dieselolietank worden afgewezen, evenals de vordering tot rekening en verantwoording wegens het ontbreken van een beheersregeling.
De rechtbank stelt dat eiser sub 1 de helft van de huuropbrengsten aan gedaagde moet voldoen en wijst de verklaring voor recht toe dat alle kosten van illegale bouwwerken voor rekening van eiser sub 1 komen. Partijen krijgen de gelegenheid een taxateur te benoemen voor de huidige waarde van de eigendom en om zich uit te laten over hypotheekschuld en maandelijkse verplichtingen. Proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: De eigendom wordt toegewezen aan eiser sub 1 met vergoeding aan gedaagde en afwijzing van gebruiksvergoeding en rekening en verantwoording.