ECLI:NL:RBUTR:2010:BN0388
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- I.M. Vanwersch
- Rechtspraak.nl
Tegemoetkoming in verhuis- en inrichtingskosten winkelruimte na opzegging huurovereenkomst
De Stichting Pensioenfonds Metaal en Techniek (PMT) vordert een tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten van [gedaagde] B.V. na opzegging van de huurovereenkomst. [gedaagde] heeft stukken overgelegd ter onderbouwing, waaronder offertes en brieven van bedrijven over de herbruikbaarheid van installaties en interieur.
De kantonrechter oordeelt dat bouwkundige aanpassingen niet tot de inrichtingskosten behoren en dat de offerte voor inrichtingskosten onbruikbaar is vanwege het niet meenemen van hergebruik van inventaris. Het advies van een betrokken bedrijf over de noodzaak van nieuwe inrichting wordt niet doorslaggevend geacht vanwege belangenverstrengeling en algemene strekking.
Op basis van het Reed Business Taxatieboekje wordt de winkel als zeer luxe getypeerd met een gemiddelde inrichtingskost van €322 per m2. Na aftrek nieuw-voor-oud resteert een bedrag van €105.100,80, waarvan 25% als redelijke tegemoetkoming wordt toegekend (€26.275,20). Daarnaast worden schilderkosten (€7.161,60) en verhuiskosten (€12.600,00) toegewezen onder voorwaarden dat [gedaagde] de nieuwe bedrijfsruimte daadwerkelijk betrekt binnen drie jaar.
PMT wordt in de gelegenheid gesteld haar vordering in te trekken. De zaak wordt aangehouden voor verdere beslissingen na akte-uitlating van PMT.
Uitkomst: De rechtbank wijst een redelijke tegemoetkoming toe in verhuis- en inrichtingskosten van €46.036,80 onder voorwaarden.