ECLI:NL:RBUTR:2010:BN1605
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J. Grapperhaus
- L. Verschoor-Bergsma
- D.J.A. Kuipers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing ontnemingsvordering wegens vrijspraak telen hennepplanten
De rechtbank Utrecht behandelde op 28 juni 2010 de ontnemingsvordering tegen de veroordeelde, gebaseerd op het wederrechtelijk verkregen voordeel uit het telen van hennep. De officier van justitie vorderde betaling van € 23.548,64 aan de Staat, berekend op basis van twee oogsten en aangetroffen hennepplanten.
In het eerdere strafvonnis van 22 februari 2010 werd de veroordeelde veroordeeld voor het aanwezig hebben van 318 hennepplanten, maar vrijgesproken van het telen van deze planten. De rechtbank oordeelde dat ontneming van voordeel niet mogelijk is omdat de vrijspraak van het telen betekent dat dit feit niet ten grondslag kan worden gelegd aan de ontnemingsmaatregel.
De rechtbank verwees naar het Geeringsarrest van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens, waarin is bepaald dat een vrijspraak betekent dat het feit niet meer kan worden gebruikt voor ontneming, ook al is er een veroordeling voor een ander feit. Daarom wees de rechtbank de ontnemingsvordering af en zag af van verdere bespreking van de aangevoerde standpunten.
Uitkomst: De ontnemingsvordering wordt afgewezen omdat de veroordeelde is vrijgesproken van het telen van hennepplanten.