ECLI:NL:RBUTR:2010:BN2684
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.M.E. Bernini
- N.E.M. Kranenbroek
- Y.A.T. Kruijer
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor schuldwitwassen van geldbedrag ontvangen van zoon
De rechtbank Utrecht heeft op 14 juli 2010 uitspraak gedaan in de strafzaak tegen verdachte, die werd verdacht van witwassen van geldbedragen die zij van haar zoon had ontvangen. De zaak betrof een foutieve overboeking van €84.700,= op de rekening van de zoon, waarvan €25.000,= werd overgemaakt naar de rekening van verdachte.
De rechtbank achtte niet bewezen dat verdachte wist dat het geld een criminele herkomst had, waardoor zij werd vrijgesproken van het primair ten laste gelegde witwassen. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte redelijkerwijs moest vermoeden dat het geld afkomstig was uit een misdrijf, gelet op de gokproblematiek en schulden van haar zoon, en haar nalaten om navraag te doen naar de herkomst van het geld.
De rechtbank hield rekening met de druk die verdachte van haar zoon heeft ervaren en haar leeftijd, en legde een geheel voorwaardelijke werkstraf van 80 uur op met een proeftijd van twee jaar. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen en de strafbaarheid van het subsidiair ten laste gelegde werd bevestigd.
De zaak werd inhoudelijk behandeld op 30 juni 2010, waarbij zowel de officier van justitie als de verdediging hun standpunten presenteerden. De rechtbank baseerde haar oordeel op bankgegevens, verklaringen van medeverdachten en de omstandigheden rondom de foutieve overboeking en terugbetaling.
De werkstraf wordt niet ten uitvoer gelegd tenzij verdachte binnen de proeftijd opnieuw een strafbaar feit pleegt.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke werkstraf van 80 uren met een proeftijd van twee jaar wegens schuldwitwassen.