ECLI:NL:RBUTR:2010:BN6237
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Bruins
- R.P. den Otter
- E.C.A. Bakker
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens uitkeringsfraude door niet melden van buitenlandse reizen en inkomsten
Verdachte ontving vanaf 1 juli 2002 een bijstandsuitkering van de gemeente Veenendaal. Zij was verplicht wijzigingen in haar persoonlijke en financiële situatie, waaronder buitenlandse reizen en ontvangen giften, te melden. Verdachte reisde meerdere malen naar het buitenland zonder toestemming en gaf deze reizen niet door. Tevens verzweeg zij inkomsten in de vorm van giften van familie.
De gemeente beëindigde de uitkering in januari 2007 vanwege het niet reageren op oproepen, maar kende vanaf maart 2007 opnieuw een uitkering toe onder dezelfde meldingsverplichtingen. Uit onderzoek bleek dat verdachte tussen 2006 en 2008 minstens 32 keer in het buitenland verbleef zonder toestemming en zonder dit te melden. Daarnaast ontving zij geld van familieleden dat zij niet had opgegeven.
De rechtbank oordeelde dat verdachte opzettelijk de benodigde gegevens niet tijdig had verstrekt, waardoor zij onterecht bijstand ontving. Verdachte was niet verschenen bij de zitting en had geen strafrechtelijke antecedenten voor soortgelijke feiten. Gezien de ernst en duur van de fraude en het ontbreken van persoonlijke toelichting legde de rechtbank een gevangenisstraf van 7 maanden op, lager dan de door het OM gevorderde 9 maanden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 7 maanden gevangenisstraf wegens uitkeringsfraude.