ECLI:NL:RBUTR:2010:BN8631
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens ontbreken beroepsfout in praktijkwaarneming advocaat
De zaak betreft een vordering van eiser tegen een advocaat die de praktijk waarnam van een geschorste advocaat. Eiser stelde schade te hebben geleden doordat de praktijkwaarnemer naliet een appèldagvaarding tegen een failliete wederpartij correct te betekenen en aan te brengen in hoger beroep.
De rechtbank oordeelde dat de overeenkomst van opdracht primair bestond tussen eiser en de geschorste advocaat, en dat de praktijkwaarnemer als hulppersoon handelde. De zorgplicht van de praktijkwaarnemer werd getoetst aan de maatstaf van een redelijk handelend advocaat. Uit het dossier bleek dat de praktijkwaarnemer tijdig opdracht gaf aan de procureur tot betekening en aanbrenging, en dat zij erop mocht vertrouwen dat dit correct werd uitgevoerd.
De praktijkwaarneming eindigde door schrapping van het tableau van de geschorste advocaat, waarna de praktijkwaarnemer geen verdere actie hoefde te ondernemen. De rechtbank concludeerde dat de praktijkwaarnemer niet onzorgvuldig heeft gehandeld en verwierp het beroep op onrechtmatige daad. De vordering werd afgewezen en eiser werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van eiser wordt afgewezen wegens het ontbreken van onzorgvuldig handelen door de praktijkwaarnemer advocaat.