ECLI:NL:RBUTR:2010:BN9286
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak duikinstructeur wegens onvoldoende bewijs schuld aan duikongeval met zwaar letsel
De rechtbank Utrecht behandelde een zaak tegen een duikinstructeur die ervan werd verdacht onvoldoende veiligheidsmaatregelen te hebben getroffen tijdens een duikcursus, wat zou hebben geleid tot zwaar lichamelijk letsel van een duiker. Het slachtoffer raakte onder meer in coma en heeft blijvende beperkingen.
De rechtbank stelde vast dat het slachtoffer begon met voldoende lucht in zijn fles en dat niet met zekerheid kon worden vastgesteld wat de oorzaak was van het ongeval. Deskundigen verklaarden dat het mogelijk was dat de duiker door angst verkeerd ademde, wat het gevoel van luchttekort kon veroorzaken, terwijl de fles niet leeg was.
De tenlastelegging werd deels nietig verklaard wegens onvoldoende specificatie van de verwijten. De rechtbank concludeerde dat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat verdachte roekeloos of nalatig had gehandeld en sprak hem vrij van schuld aan het ongeval.
De verdediging voerde aan dat verdachte handelde volgens de geldende normen en dat het slachtoffer gekwalificeerd was. De officier van justitie stelde dat verdachte onvoldoende toezicht hield en veiligheidsnormen niet naleefde. De rechtbank oordeelde dat de bewijsvoering ontoereikend was om schuld vast te stellen.
De zaak werd inhoudelijk behandeld op zittingen in juni en september 2010 en het vonnis werd uitgesproken op 4 oktober 2010 door een meervoudige kamer.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van schuld aan het duikongeval met zwaar letsel.