ECLI:NL:RBUTR:2010:BO1236
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens noodweer bij poging zware mishandeling met mes
Op 28 maart 2010 ontstond een conflict tussen verdachte en aangever in Utrecht waarbij verdachte met een mes twee steekbewegingen maakte richting het bovenlichaam van aangever. Aangever liep een snijwond op, maar zwaar lichamelijk letsel bleef uit. Verdachte bekende de bewegingen met het mes.
De rechtbank oordeelde dat verdachte met (voorwaardelijk) opzet handelde om zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, maar dat het feit niet tot voltooiing kwam. Verdachte werd vrijgesproken van poging tot doodslag omdat onvoldoende bewijs was voor opzet om het leven te beroven.
De rechtbank achtte aannemelijk dat sprake was van een noodweersituatie: aangever kwam met een koekenpan en een aardappelschilmesje de kamer binnen en sloeg verdachte, waarna een worsteling ontstond. Verdachte lag op de bank met aangever bovenop en maakte afwerende bewegingen met het mes. Dit werd ondersteund door bloedsporen, beschadigingen aan de bank en verwondingen bij verdachte.
Gezien de proportionaliteit en subsidiariteit van het handelen, sprak de rechtbank verdachte vrij van alle rechtsvervolging. Het vonnis werd uitgesproken op 11 oktober 2010 door de meervoudige kamer van de rechtbank Utrecht.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken en ontslagen van alle rechtsvervolging wegens noodweer bij poging zware mishandeling.