ECLI:NL:RBUTR:2010:BO1958

Rechtbank Utrecht

Datum uitspraak
27 oktober 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
294339 / FA RK 10-6027
Instantie
Rechtbank Utrecht
Type
Uitspraak
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzoek tot wijziging huwelijkse voorwaarden met gescheiden vermogens vanwege ondernemingsrisico

Verzoekers, gehuwd in gemeenschap van goederen sinds 1995, hebben de rechtbank gevraagd toestemming te verlenen voor het wijzigen van hun huwelijkse voorwaarden. Door de wijziging willen zij gescheiden vermogens creëren, waarbij de man de aandelen in zijn vennootschappen krijgt en de vrouw onder andere een onroerende zaak, levensverzekeringen en banktegoeden.

De reden voor het verzoek is het ondernemingsrisico van de man, waardoor de algemene gemeenschap van goederen als onwenselijk wordt beschouwd. De rechtbank dient te beoordelen of de voorgenomen wijziging geen benadeling van schuldeisers oplevert.

De waarde van de onderneming is in de overeenkomst gesteld op €4.200.750, maar de rechtbank vraagt zich af hoe deze waarde is vastgesteld en of er mogelijke claims zijn die de waarde kunnen beïnvloeden. De rechtbank heeft de behandeling aangehouden en verzocht om schriftelijke nadere informatie van de notaris.

Na ontvangst van deze informatie zal de rechtbank een beschikking geven of een mondelinge behandeling bepalen.

Uitkomst: De rechtbank houdt de behandeling aan en verzoekt nadere schriftelijke informatie over de waardebepaling van de onderneming en mogelijke claims.

Uitspraak

beschikking
RECHTBANK UTRECHT
Sector handels- en familierecht
zaaknummer / rekestnummer: 294339 / FA RK 10-6027
maken huwelijkse voorwaarden
Tussenbeschikking van 27 oktober 2010
in de zaak van
[verzoeker sub 1],
[verzoeker sub 2],
beiden wonende te [woonplaats],
verzoekers,
echtgenoten.
1. Verloop van de procedure
Verzoekers hebben op 29 september 2010 ter griffie van deze rechtbank een verzoekschrift met bijlagen doen indienen door mr. [notaris], notaris te [plaats]. Daarbij is verzocht goedkeuring te verlenen aan het maken van huwelijkse voorwaarden.
De rechtbank heeft kennisgenomen van de nadien ingekomen stukken.
2. Vaststaande feiten
Verzoekers zijn op [1995] te [plaats], Verenigde Staten van Amerika, in gemeenschap van goederen met elkaar gehuwd.
3. Beoordeling van het verzochte
Verzoekers zijn thans in gemeenschap van goederen gehuwd. Tot de huwelijksgoederen gemeenschap behoren ondermeer de aandelen in vennootschappen genaamd [Besloten vennootschap 1] BV en [Besloten vennootschap 2] BV waarvan de man enige aandeelhouder is.
Partijen zijn voornemens huwelijksvoorwaarden te sluiten waardoor gescheiden vermogens ontstaan. Aan de man worden de aandelen in de vennootschap toegescheiden en aan de vrouw een onroerende zaak en de daarbij behorende hypothecaire geldlening. Alsmede polissen van levens- en/of kapitaalsverzekeringen, banktegoeden en vervoersmiddelen. Een onroerende zaak in Oostenrijk blijft onverdeeld. Verzoekers leggen aan het verzoek ten grondslag dat zij het gezien het ondernemingsrisico van de man de algemene gemeenschap van goederen als onwenselijk beschouwen. De notaris van verzoekers heeft de rechtbank versnelde behandeling verzocht. Nadere toelichting op deze wens tot versnelde behandeling kon en wilde de notaris niet verstrekken.
De rechtbank dient in de onderhavige zaak onder meer te beoordelen of de voorgenomen wijziging huwelijksvoorwaarden benadeling van schuldeisers met zich mee brengt. De waarde van de ondernemingen is in de overeenkomst tot verdeling opgenomen verdeling opgenomen voor een waarde van € 4.200.750,00. De rechtbank vraagt zich af op welke wijze de waarde van deze investeringsvennootschap is bepaald alsmede of er thans mogelijke claims te verwachten zijn die de waarde zouden kunnen beïnvloeden.
De rechtbank stelt de notaris in de gelegenheid zich over het bovenstaande schriftelijk uit te laten. Na ontvangst van deze reactie zal de rechtbank hetzij een beschikking geven hetzij een mondelinge behandeling bepalen.
4. Beslissing
De rechtbank houdt het verzoek aan tot 18 november 2010, en wenst voor die datum schriftelijk geïnformeerd te worden over hetgeen onder de beoordeling is vermeld.
Deze beschikking is gegeven door mr. E.A.A. van Kalveen, rechter, in tegenwoordigheid van G. Hagens LL.B, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 27 oktober 2010.?