ECLI:NL:RBUTR:2010:BO5227
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek opgave MIP-melding inzake achtergelaten operatiemateriaal
Op 20 maart 2009 onderging verzoekster een operatie in het ziekenhuis waarbij per abuis Coltex-sponzen in haar buik werden achtergelaten. Na ontdekking hiervan op 23 december 2009 werd een MIP-melding gedaan binnen het ziekenhuis, bedoeld voor interne kwaliteitsverbetering en vertrouwelijke melding van incidenten.
Verzoekster vroeg op grond van artikel 46 lid 1 Wbp Pro het ziekenhuis te verplichten haar een kopie van deze MIP-melding te verstrekken, omdat zij meent dat haar persoonsgegevens daarin zijn verwerkt. Het ziekenhuis weigerde dit, stellende dat zij niet over de inhoud beschikt en dat het belang van het vertrouwelijke meldingssysteem zwaarder weegt.
De rechtbank oordeelde dat hoewel persoonsgegevens in de MIP-melding zijn verwerkt en het ziekenhuis als verantwoordelijke geldt, het belang van het goed functioneren en de vertrouwelijkheid van het meldingssysteem zwaarder weegt dan het belang van verzoekster bij inzage. Daarom werd het verzoek afgewezen en werd verzoekster veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om het ziekenhuis te bevelen een kopie van de MIP-melding te verstrekken wordt afgewezen wegens het belang van vertrouwelijkheid van het meldingssysteem.