ECLI:NL:RBUTR:2010:BO6484
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.R. Krol
- M.P. Gerrits-Janssens
- M.S. Koppert
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte in zaak asbestverontreiniging en sloopwerkzaamheden kantoorgebouw
In 2007 vonden sloop- en renovatiewerkzaamheden plaats in een kantoorgebouw waarbij asbest vrijkwam. Verdachte, als feitelijk leidinggever van een sloopbedrijf, werd beschuldigd van het veroorzaken van asbestverontreiniging en het niet naleven van veiligheidsvoorschriften. De officier van justitie stelde dat verdachte en zijn ingehuurde werknemers sloopwerkzaamheden uitvoerden zonder asbestsanering, wat leidde tot asbestverspreiding en blootstelling zonder beschermingsmiddelen.
De verdediging voerde aan dat verdachte geen destructieve sloopwerkzaamheden verrichtte maar alleen demontage buiten de asbesthoudende kern en dat de asbestsanering door een ander bedrijf werd uitgevoerd. De rechtbank stelde vast dat er onvoldoende bewijs was dat verdachte of zijn bedrijf asbesthoudend materiaal had verwijderd of dat hij wist van asbestbesmetting tijdens de werkzaamheden. Ook was niet bewezen dat er een concreet gevaar voor asbestbesmetting bestond in de ruimten waar verdachte en zijn werknemers actief waren.
De rechtbank verklaarde de dagvaarding partieel nietig voor een onderdeel van de tenlastelegging en sprak verdachte vrij van alle feiten wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs. Verdachte mocht vertrouwen op de deskundigheid van opdrachtgevers en was niet verantwoordelijk voor de asbestsanering of het ontstaan van asbestbesmetting. De uitspraak benadrukt het belang van duidelijke bewijslast en de scheiding van taken bij complexe bouw- en sloopprojecten met asbestrisico's.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van alle ten laste gelegde feiten wegens onvoldoende bewijs van asbestverontreiniging en onveilige sloopwerkzaamheden.