ECLI:NL:RBUTR:2010:BO8352
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening
- M.S.D. de Weerd
- J.R. van Es-de Vries
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen sluiting bloemenkiosk wegens handel in softdrugs
De burgemeester van Utrecht heeft op grond van artikel 13b van de Opiumwet de bloemenkiosk van verzoeker met onmiddellijke ingang voor zes maanden gesloten wegens handel in softdrugs, nadat politie op 11 november 2010 minderjarigen betrapte op aankoop van wiet in de kiosk en acht zakjes wiet met handelsgeld werden aangetroffen.
Verzoeker maakte bezwaar tegen het besluit en vroeg de voorzieningenrechter om schorsing van de sluiting tot het bezwaar is behandeld. Hij stelde dat de sluiting onzorgvuldig was en dat de zakjes wiet voor eigen gebruik waren, niet voor handel. Tevens betwistte hij de hoeveelheid en het handelsgeld.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting en dat het handhavingsbeleid niet onredelijk was. De handel in softdrugs werd aan verzoeker toegerekend als vergunninghouder. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen omdat onvoldoende grond bestond om te vermoeden dat het besluit in bezwaar zou worden vernietigd. De sluiting was noodzakelijk om de openbare orde en veiligheid te beschermen.
Uitkomst: Het verzoek om schorsing van de sluiting van de bloemenkiosk wegens handel in softdrugs is afgewezen en de sluiting van zes maanden blijft van kracht.