ECLI:NL:RBUTR:2010:BO8359
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bouwvergunning hooi- en stro-opslag wegens onbevoegd besluit en motiveringsgebrek
De rechtbank Utrecht behandelde een beroep tegen een bouwvergunning verleend aan een vergunninghouder voor het oprichten van een machineberging en hooi- en stro-opslag op een perceel met de bestemming agrarisch gebied met landschapswaarden. Eisers voerden aan dat het besluit onbevoegd was genomen en dat het bouwplan niet ten dienste stond van een agrarisch bedrijf.
De rechtbank stelde vast dat het bestreden besluit namens het college van burgemeester en wethouders was genomen door een persoon zonder mandaat, waardoor het besluit onbevoegd was genomen en vernietiging in aanmerking kwam. Vervolgens werd het besluit alsnog bekrachtigd door het bevoegde orgaan, waarna de rechtbank het besluit inhoudelijk beoordeelde.
Eisers betoogden dat de agrarische activiteiten van vergunninghouder waren afgebouwd en dat het bouwplan niet paste binnen de bestemming. De rechtbank oordeelde dat verweerder een onderzoeksplicht had om te toetsen of het bouwplan ten dienste stond van een agrarisch bedrijf, hetgeen onvoldoende was gemotiveerd in het bestreden besluit. Uit de onderzoeksgegevens en landbouwtellingsgegevens bleek echter dat sprake was van een agrarisch bedrijf.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit wegens onbevoegdheid en motiveringsgebrek, maar bepaalde dat de rechtsgevolgen van het besluit in stand bleven. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd wegens onbevoegdheid en motiveringsgebrek, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.