ECLI:NL:RBUTR:2010:BO9307
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.P. Killian
- P. Bender
- A. van Maanen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen gewoontewitwassen door bankdirecteur
De rechtbank Utrecht heeft verdachte, voormalig directeur van een bankkantoor, veroordeeld voor medeplegen van gewoontewitwassen. In de periode van juni 2006 tot april 2007 wisselde verdachte herhaaldelijk contante biljetten van € 50,- om in biljetten van € 500,-, terwijl hij wist dat het geld afkomstig was uit criminele activiteiten, met name hennephandel. Verdachte bekende het wisselen, maar ontkende kennis van de criminele herkomst. De rechtbank achtte dit ongeloofwaardig en concludeerde dat verdachte de aanmerkelijke kans aanvaardde dat het geld van misdrijf afkomstig was.
Het bewijs bestond uit verklaringen van betrokkenen, afgeluisterde telefoongesprekken waaruit de hennephandel bleek, en het ontbreken van verplichte meldingen (MOT). Verdachte negeerde waarschuwingen om melding te maken. De rechtbank benadrukte de vertrouwenspositie van verdachte als bankdirecteur en het belang van het tegengaan van witwassen.
Gezien de ernst van het feit, de omvang van de hennephandel en de rol van verdachte, achtte de rechtbank een gevangenisstraf passend. Vanwege een ernstige overschrijding van de redelijke termijn en persoonlijke omstandigheden werd de straf voorwaardelijk opgelegd, met een proeftijd van twee jaar. Daarnaast kreeg verdachte een werkstraf van 80 uur, met vervangende hechtenis bij niet-nakoming.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 2 maanden en een werkstraf van 80 uur wegens medeplegen van gewoontewitwassen.