ECLI:NL:RBUTR:2011:BP2223
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- S.C. Hagedoorn
- Rechtspraak.nl
Toelating categorale vakbond tot CAO-overleg huisartsenzorg
De Nederlandse Vereniging van Praktijkondersteuners (NVvPO) vorderde in kort geding haar toelating tot het overleg over de nieuwe CAO Huisartsenzorg, omdat zij een groot en groeiend aantal praktijkondersteuners vertegenwoordigt en representatiever is dan de vakbonden die reeds deelnemen. De werkgeversverenigingen LHV c.s. betwistten dit, stellende dat NVvPO niet representatief is, slechts praktijkondersteuners vertegenwoordigt en toelating zou leiden tot oververtegenwoordiging en versnippering.
De voorzieningenrechter oordeelde dat NVvPO voldoende leden vertegenwoordigt en dat het feit dat zij alleen praktijkondersteuners vertegenwoordigt niet aan haar representativiteit in de weg staat. De belangen van praktijkondersteuners en doktersassistenten lopen niet altijd parallel, waardoor NVvPO een eigen plaats in het overleg verdient. De bezwaren van LHV c.s. over financiële middelen, deskundigheid en onafhankelijkheid werden niet aannemelijk gemaakt.
De rechtbank concludeerde dat de belangenafweging uitwijst dat NVvPO recht heeft op toelating tot het CAO-overleg en veroordeelde LHV c.s. tot toelating en betaling van proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: LHV c.s. worden veroordeeld om NVvPO toe te laten tot het CAO-overleg huisartsenzorg vanaf 1 april 2011.