ECLI:NL:RBUTR:2011:BP2283
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Arbeidsvoorwaarde prepensioenregeling en eenzijdige wijziging actuariële herrekening
De zaak betreft een geschil tussen een gewezen werknemer en zijn voormalige werkgever over de wijze van actuariële herrekening van prepensioenuitkeringen. De werknemer was van 1998 tot 2009 in dienst en had op grond van de CAO recht op een prepensioenregeling waarbij uitkeringen volledig actuarieel werden herrekend. Na wetswijzigingen per 1 januari 2008 besloot de werkgever de herrekening te halveren zonder de werknemer hierover vooraf te informeren.
De werknemer vorderde betaling van het prepensioen op basis van volledige actuariële herrekening over november en december 2009, met wettelijke rente. De werkgever stelde dat zij gerechtigd was de herrekening aan te passen aan gewijzigde fiscale regels en dat er geen afspraak was over blijvende volledige herrekening.
De rechtbank oordeelde dat de volledige actuariële herrekening onderdeel was geworden van de arbeidsvoorwaarden en dat de werkgever voor een wijziging instemming van de werknemer had moeten verkrijgen of aan de toets van redelijkheid moest voldoen. Omdat de werkgever niet tijdig overleg voerde en geen voorstel deed, handelde zij niet als een goed werkgever. De vordering van de werknemer werd daarom toegewezen, inclusief de wettelijke rente en proceskosten.
Uitkomst: De werkgever is veroordeeld tot betaling van het prepensioen op basis van volledige actuariële herrekening over november en december 2009 met wettelijke rente.