ECLI:NL:RBUTR:2011:BP8233
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag van rechtsvervolging wegens geslaagd beroep op noodweer bij poging zware mishandeling
Op 11 oktober 2010 sloeg verdachte in een conflict met aangever en twee anderen met een strijkijzer op het hoofd van aangever, waarbij een impressiefractuur ontstond. Verdachte werd vervolgd voor poging zware mishandeling. De rechtbank oordeelde dat het primair tenlastegelegde, zware mishandeling, niet wettig en overtuigend bewezen kon worden, maar dat poging zware mishandeling wel bewezen was.
De verdediging voerde aan dat verdachte zich noodweer had gepleegd tegen een ogenblikkelijke en wederrechtelijke aanranding door aangever en twee anderen. De rechtbank stelde vast dat verdachte zich in een bedreigende situatie bevond, waarbij aangever hem vasthield en geslagen werd. Het gebruik van het strijkijzer was een noodzakelijke en proportionele verdediging.
De rechtbank verwierp het verweer van de officier van justitie dat verdachte de situatie had uitgelokt en dat het geweld disproportioneel was. Er was geen sprake van eigen schuld die het beroep op noodweer zou uitsluiten. Daarom werd verdachte ontslagen van alle rechtsvervolging. Tevens werd het beslag op een krat Heineken teruggegeven aan de rechthebbende.
Uitkomst: Verdachte wordt ontslagen van alle rechtsvervolging wegens geslaagd beroep op noodweer bij poging zware mishandeling.