ECLI:NL:RBUTR:2011:BP8366
Rechtbank Utrecht
- Hoger beroep
- A. Wassing
- J. Ebbens
- Y.M.J.I. Baauw-de Bruijn
- Rechtspraak.nl
Veroordeling rechtspersoon voor nalatigheid bij explosie met dodelijk slachtoffer aan boei in Neder-Rijn
Tijdens werkzaamheden aan een boei in de Neder-Rijn explodeerde deze, wat leidde tot de dood van een werknemer en zwaar lichamelijk letsel bij een ander. De werkzaamheden werden uitgevoerd onder toezicht van een medewerker van de veroordeelde rechtspersoon.
De rechtbank stelde vast dat de rechtspersoon en haar medewerker aanmerkelijk onvoorzichtig en nalatig hebben gehandeld door onvoldoende veiligheidsmaatregelen te treffen, waaronder het niet gebruiken van vonkvrij gereedschap en het niet voldoende ontluchten van de boei. De explosie werd technisch toegeschreven aan vonkvorming tijdens het werk aan de boei.
De verdediging voerde aan dat een andere rechtspersoon of Rijkswaterstaat verantwoordelijk zou zijn, maar de rechtbank oordeelde dat de gedane werkzaamheden en verantwoordelijkheid binnen de bedrijfsvoering van de veroordeelde vielen. De dagvaarding werd als geldig beoordeeld.
De rechtbank sprak verdachte vrij van roekeloosheid en andere tenlastegelegde feiten, maar veroordeelde haar tot een geldboete van €12.500,- wegens medeplegen van aan haar schuld toe te rekenen doodslag en zwaar lichamelijk letsel. De straf weerspiegelt de ernst van het ongeval en de nalatigheid van de rechtspersoon.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de rechtspersoon tot een geldboete van €12.500 wegens aanmerkelijk onvoorzichtig en nalatig handelen bij werkzaamheden aan een boei, waardoor een explosie met dodelijk slachtoffer ontstond.