ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ4346
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling poging tot afpersing en medeplegen bedreiging met misdrijf tegen het leven
De rechtbank Utrecht heeft op 31 maart 2011 uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte die samen met anderen heeft geprobeerd €150.000 af te persen van de heer [benadeelde]. De afpersing ging gepaard met ernstige bedreigingen, waaronder bedreigingen aan het adres van de dochter van het slachtoffer, wat leidde tot grote angst bij het slachtoffer en zijn gezin, die hun woonplaats ontvluchtten.
De rechtbank baseerde haar oordeel op diverse bewijsmiddelen, waaronder aangifte, verklaringen van medeverdachten, dreigbrieven, sms-berichten, telefoontaps, observaties en verkeersgegevens van mobiele telefoons. Verdachte was nauw betrokken bij de uitvoering van het plan vanaf 3 september 2010 en speelde een actieve rol bij de voorbereiding en uitvoering van de bedreigingen.
De verdediging voerde aan dat verdachte een geringe rol had en pas later op de hoogte was gebracht, maar dit werd door de rechtbank verworpen op grond van de consistente verklaringen van medeverdachten en objectieve gegevens. De rechtbank oordeelde dat sprake was van een nauwe en bewuste samenwerking.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich schuldig had gemaakt aan poging tot afpersing en medeplegen van bedreiging met een misdrijf tegen het leven gericht. Gelet op de ernst van de feiten en de omstandigheden werd verdachte veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, met bijzondere voorwaarden omtrent reclasseringstoezicht en behandeling.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.