ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ4788
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- I.J.B. Corbey
- G. Perrick
- E.A. Messer
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak en oplegging ISD-maatregel voor fietsendiefstal en diefstal van horecakratten
De rechtbank Utrecht behandelde op 12 mei 2011 de strafzaak tegen verdachte, die werd verdacht van meerdere diefstallen, waaronder een mountainbike en horecakratten. Voor één van de tenlastegelegde feiten, diefstal van kratten op 8 december 2010, was het bewijs onvoldoende en sprak de rechtbank verdachte vrij. Voor de fietsendiefstal op 30 januari 2011 en twee diefstallen van horecakratten op 10-11 en 17 september 2010 achtte de rechtbank het bewijs wettig en overtuigend.
De bewijslast bestond uit verklaringen van aangevers, getuigen, en waarnemingen van verbalisanten die verdachte met de gestolen goederen zagen. Verdachte voerde aan dat hij de fiets had gevonden en wilde terugbrengen, maar dit werd verworpen. De rechtbank concludeerde dat verdachte strafbaar was voor deze feiten.
Gezien het recidiverende karakter van verdachte, zijn gedragsproblemen, en het feit dat eerdere hulpverlening niet tot verbetering leidde, volgde de rechtbank de eis van de officier van justitie tot oplegging van de ISD-maatregel voor twee jaar. Verdachte weigerde mee te werken aan psychiatrisch onderzoek, waardoor de rechtbank geen contra-indicaties kon vaststellen. De maatregel wordt opgelegd zonder aftrek van de voorlopige hechtenis en met een tussentijdse toets na zes maanden.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van één diefstal, veroordeeld voor fietsendiefstal en diefstal van horecakratten en krijgt een ISD-maatregel van twee jaar opgelegd.