ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ6333
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Uitleg en waardering Stock Appreciation Rights overeenkomst tussen werknemer en vennootschap
De zaak betreft een geschil over de uitleg en toepassing van een Stock Appreciation Rights (SAR) overeenkomst tussen eiser, voormalig financieel directeur, en Netwerk B.V. Eiser vordert betaling van een bedrag op basis van waardestijging van aandelen, waarbij verschillende vestigingsmomenten en waarderingsmethoden centraal staan.
De rechtbank stelt vast dat de overdracht van aandelen door Holding aan Groep op 3 december 2008 niet kwalificeert als een Exit in de zin van de overeenkomst, omdat Groep geen derde partij is. Hierdoor ontstaat op dat moment geen recht op betaling voor eiser. Het toepasselijke vestigingsmoment is het einde van het dienstverband op 1 oktober 2009, waarbij de waardering volgens een contractueel bepaalde formule moet plaatsvinden.
De rechtbank verwerpt het betoog van eiser dat een andere waarderingsmethode moet gelden en bevestigt dat factor d van de formule, het noodzakelijke rentedragende vreemd vermogen, niet mag worden verhoogd met leningen die verband houden met dividenduitkeringen. De zaak wordt aangehouden voor nadere toelichting over het bedrag van het noodzakelijke vreemd vermogen en het hoger beroep wordt tussentijds toegestaan.
Uitkomst: De rechtbank wijst de primaire vorderingen af, maar houdt de zaak aan voor nadere toelichting over het noodzakelijke vreemd vermogen en staat tussentijds hoger beroep toe.