ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ8541
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak van poging tot doodslag met mes en strafoplegging voor schoppen en trappen
Op 13 februari 2011 ontstond een conflict tussen verdachte en het slachtoffer in een woning te Baarn, waarbij verdachte het slachtoffer meerdere keren met een mes in het gezicht zou hebben gestoken en hem vervolgens met geschoeide voet heeft geschopt en getrapt terwijl het slachtoffer op de grond lag. Het slachtoffer liep daarbij ernstige snijwonden en interne bloedingen op.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het slachtoffer heeft geprobeerd te doden door het messteken en het schoppen en trappen. Echter, de rechtbank sprak verdachte vrij van het deel van de tenlastelegging dat betrekking had op het messteken, omdat niet bewezen kon worden dat verdachte daadwerkelijk met het mes had gestoken. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte het slachtoffer meermalen heeft geschopt en getrapt.
Verdachte werd sterk verminderd toerekeningsvatbaar geacht vanwege ernstige psychische problematiek, waaronder een alcoholverslaving, borderline persoonlijkheidsstoornis en een verstandelijke beperking. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 10 maanden op, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, gekoppeld aan bijzondere voorwaarden waaronder klinische behandeling en reclasseringscontact. Tevens werden de in beslag genomen messen verbeurd verklaard.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van messteken maar veroordeeld tot 10 maanden gevangenisstraf waarvan 6 maanden voorwaardelijk met behandeling en reclassering als voorwaarden.