ECLI:NL:RBUTR:2011:BQ9530
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak openlijke geweldpleging en veroordeling opruiing en belediging politieagent
Op 5 juli 2009 vond een incident plaats waarbij verdachte werd beschuldigd van openlijke geweldpleging, opruiing en belediging van een politieagent. De rechtbank Utrecht behandelde de zaak op 29 april 2011. Verdachte ontkende niet betrokken te zijn bij de opruiing en belediging, maar werd vrijgesproken van openlijke geweldpleging omdat niet kon worden vastgesteld welke personen het geweld hadden gepleegd.
De rechtbank baseerde haar oordeel op verklaringen van de politie en getuigen, waaronder een verbalisant die aangaf dat verdachte opruiende en beledigende woorden had geroepen tegen de politie. Verdachte had onder meer geschreeuwd dat de politie een persoon moest aanhouden anders zou het hele blok in brand worden gestoken, en gebruikte daarbij de woorden ‘teringlijers en kankerhonden’. Deze woorden werden als ernstig beledigend beschouwd.
De rechtbank hield rekening met de omstandigheden waaronder de feiten waren gepleegd, waaronder de frustratie van verdachte vanwege een vriend die gewond was geraakt. Gezien deze context legde de rechtbank een werkstraf van 30 uur op, minder dan de door de officier van justitie gevorderde 50 uur. De vordering tot schadevergoeding van de benadeelde werd afgewezen omdat verdachte werd vrijgesproken van het geweldplegingsfeit.
De uitspraak benadrukt het belang van voldoende bewijs voor openlijke geweldpleging en erkent de strafbaarheid van opruiing en belediging van een ambtenaar tijdens diens rechtmatige taakuitvoering.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van openlijke geweldpleging en veroordeeld tot een werkstraf van 30 uur voor opruiing en belediging van een politieagent.