ECLI:NL:RBUTR:2011:BR1646
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak projectleider in asbestzaak wegens ontbreken toerekening aan rechtspersoon
In deze strafzaak stond verdachte, projectleider bij een bouwbedrijf, terecht wegens het feitelijk leiding geven aan het in de lucht brengen van asbestvezels tijdens sloopwerkzaamheden in een pand van Albert Heijn te Veenendaal. De rechtbank onderzocht of de verboden gedragingen redelijkerwijs aan de rechtspersoon konden worden toegerekend.
De rechtbank stelde vast dat verdachte het werkplan en asbestinventarisatierapport niet had gelezen en dat het sloopbedrijf met kennis van asbestverwijdering was ingehuurd. De sanering van asbest was volgens de rechtbank een taak van het ingehuurde sloopbedrijf, dat conform regelgeving zou handelen. De gedragingen vonden plaats buiten de sfeer van de rechtspersoon en konden niet aan haar worden toegerekend.
Ook werd onderzocht of verdachte als werkgever aansprakelijk was voor het laten uitvoeren van gevaarlijke werkzaamheden zonder doeltreffende maatregelen. De rechtbank oordeelde dat verdachte niet als werkgever kon worden aangemerkt voor de betrokken werknemers.
Gelet op deze feiten sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten, waaronder het feitelijk leiding geven aan de verboden gedragingen en het handelen in strijd met de Arbeidsomstandighedenwet.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat de verboden gedragingen niet aan de rechtspersoon konden worden toegerekend.