ECLI:NL:RBUTR:2011:BR3934
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.W.G. de Beer
- D.A.C. Koster
- A.G. van Doorn
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke beëindiging van dwangverpleging terbeschikkinggestelde met voorwaarden en toezicht
De rechtbank Utrecht heeft op 12 juli 2011 besloten tot de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege van een terbeschikkinggestelde die sinds 1995 ter beschikking is gesteld wegens ernstige delicten. De beslissing volgt op een uitgebreid dossier, waaronder een reclasseringsrapport en deskundigenadviezen, waarin wordt gesteld dat de terbeschikkinggestelde ondanks een gebrek aan ziekte-inzicht voldoende stabiel is om gefaseerd terug te keren in een open setting.
De terbeschikkinggestelde lijdt aan schizofrenie en een persoonlijkheidsstoornis, maar is gestopt met medicatie en vertoont sindsdien een verbeterde toestand. De reclassering en deskundigen adviseren een voorwaardelijke beëindiging onder strikte voorwaarden, waaronder behandeling, medicatie, middelenonthouding, toezicht en sociale begeleiding.
De rechtbank legt uitgebreide voorwaarden op, zoals het naleven van behandelverplichtingen, het accepteren van toezicht en controles, het vermijden van risicovolle contacten, en het onderhouden van een gestructureerde dagbesteding. Bij overtreding van deze voorwaarden kan een time-out in de kliniek volgen. De beslissing is genomen met het oog op de veiligheid van de maatschappij en het welzijn van de terbeschikkinggestelde.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt voorwaardelijk de dwangverpleging onder strikte voorwaarden en toezicht.