ECLI:NL:RBUTR:2011:BR5021
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.G. van Doorn
- D.A.C. Koster
- P.W.G. de Beer
- Rechtspraak.nl
Verlenging maatregel plaatsing in inrichting voor jeugdigen wegens voortzetting toezicht en ontwikkeling
De rechtbank Utrecht behandelde de vordering tot verlenging van de maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen (PIJ) voor de veroordeelde, die eerder was veroordeeld wegens ernstige delicten waaronder belaging, diefstal met geweld, mishandeling en bedreiging. De maatregel was reeds eerder verlengd met zeven maanden en nu werd verlenging met drie maanden gevraagd.
De officier van justitie stelde dat hoewel de maatschappelijke veiligheid minder in het geding is, het belang van de ontwikkeling van de veroordeelde en het korte proefverlof een verlenging rechtvaardigen. De veroordeelde gaf aan geen noodzaak te zien voor verlenging, maar erkende geen bezwaar. Hij volgt werk en trainingen en gebruikt beperkt softdrugs.
De gedragswetenschapper en locatiemanager van de inrichting adviseerden verlenging om het gedrag te consolideren en verdere begeleiding mogelijk te maken. De rechtbank overwoog dat het recidiverisico matig blijft en dat de maatregel noodzakelijk is voor veiligheid en ontwikkeling. Tevens werd geadviseerd om te zoeken naar een passende woonplek, aangezien de daklozenopvang niet adequaat is.
De rechtbank besloot de maatregel met drie maanden te verlengen, mede gelet op de artikelen 77s, 77t en 77u van het Wetboek van Strafrecht, en het belang van verdere begeleiding en toezicht tijdens het proefverlof.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen met drie maanden.