ECLI:NL:RBUTR:2011:BS1712
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vergoeding voorlopige hechtenis na vrijspraak wegens diefstal mobiele telefoon
Verzoeker werd op 3 april 2011 in verzekering gesteld en op 13 april 2011 vrijgesproken door de politierechter. Hij verbleef in totaal tien dagen in voorarrest, waarvan twee dagen in een politiebureau en acht dagen in een huis van bewaring. De diefstal betrof een mobiele telefoon die kort na de diefstal via een abonnement op naam van verzoeker werd gebruikt. Verzoeker verklaarde het abonnement voor een vriend te hebben afgesloten en de telefoon via ruil in bezit te hebben gekregen.
De rechtbank oordeelde dat er ernstige bezwaren tegen verzoeker waren, maar dat hij geen vergoeding kreeg voor de acht dagen in huis van bewaring omdat het voortduren van de hechtenis aan hem te wijten was. Wel werd een vergoeding van €210 toegekend voor de twee dagen in verzekering, conform de gangbare bedragen. Daarnaast werd een vergoeding van €540 toegekend voor de kosten van de raadsman voor het indienen en toelichten van het verzoek.
De officier van justitie stemde in met de vergoeding voor de twee dagen in verzekering en de kosten van de raadsman. Het verzoek voor vergoeding van de overige dagen werd afgewezen. De rechtbank beval uitbetaling van de toegekende bedragen aan verzoekers raadsman.
Uitkomst: Verzoeker krijgt vergoeding van €210 voor twee dagen in verzekering en €540 voor kosten raadsman; overige dagen voorlopige hechtenis niet vergoed.