ECLI:NL:RBUTR:2011:BT1513
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.R. van Es-de Vries
- T. Pavicevic
- G.C. van Gelein-Vitringa
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring Wob-verzoek inzake documenten benzinestation Rhenen wegens onvoldoende motivering weigering
Eiser verzocht op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) documenten te verstrekken over het benzinestation aan de Cuneraweg te Rhenen. Verweerder weigerde deze informatie openbaar te maken met een beroep op bescherming van economische en financiële belangen van de gemeente en BP Nederland.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende had geconcretiseerd en gemotiveerd op welke wijze openbaarmaking deze belangen zou schaden. Het enkele stelling dat belangen worden geraakt volstaat niet. Ook het argument dat een herbezinningsproces over de toekomst van het benzinestation niet openbaar mocht worden gemaakt, werd niet als toereikende motivering aanvaard.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en herroept de eerdere besluiten voor zover zij de openbaarmaking van de documenten D.7, D.9 en D.10 weigerden. Verweerder wordt bevolen deze documenten alsnog openbaar te maken. Tevens werd het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen omdat geen sprake was van beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
De uitspraak benadrukt het belang van een deugdelijke motivering bij weigering van openbaarmaking en bevestigt dat het publieke belang bij transparantie prevaleert indien niet concreet wordt aangetoond dat belangen worden geschaad.
Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de documenten worden alsnog openbaar gemaakt wegens onvoldoende motivering van de weigering.