ECLI:NL:RBUTR:2011:BT1944
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke veroordeling wegens seksueel binnendringen en aanranding na avond uit
De rechtbank Utrecht behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van verkrachting en ontuchtige handelingen op 30 september 2006. Verdachte had het slachtoffer zonder haar instemming betast en seksueel binnengedrongen met een vinger terwijl zij sliep en zich niet vrij voelde om de handelingen te weigeren.
De rechtbank oordeelde dat verdachte de Nederlandse taal voldoende beheerste tijdens de politieverhoren, waardoor het openbaar ministerie ontvankelijk was. De eerste twee verklaringen van verdachte werden uitgesloten vanwege het ontbreken van advocaatbijstand. Het bewijs bestond uit verklaringen van het slachtoffer en getuigen, en opname van de verhoren.
Verdachte werd vrijgesproken van het feit van verkrachting terwijl het slachtoffer in staat van verminderd bewustzijn verkeerde, omdat het slachtoffer direct wakker werd toen de handelingen plaatsvonden. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte het slachtoffer zonder instemming betastte en seksueel binnendrong, misbruikmakend van haar situatie.
Gezien de ernst van het feit, de omstandigheden en het ontbreken van eerdere veroordelingen, legde de rechtbank een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden met een proeftijd van 2 jaar op, gecombineerd met een werkstraf van 240 uur. De straf is bedoeld om herhaling te voorkomen en recht te doen aan de ernst van het delict.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden en een werkstraf van 240 uur wegens seksueel binnendringen en aanranding zonder instemming.